Max. €1,95 verzending & 14 dagen recht van retour

Ga naar het hoofdmenu Ga naar het paginamenu

Lou Reed

  1. Overzicht
  2. Biografie
  3. Alle dvd's en Blu-rays
  4. Verwante uitvoerenden

Biografie

Eigenzinnige en veelzijdige zanger/gitarist/componist zonder wie de pophistorie een stuk minder kleurrijk zou zijn geweest. Hij wordt geboren in Brooklyn (Ny) en groeit op in Freeport, Long Island, Ny, als oudste zoon van een accountant. Vanaf zijn veertiende bekwaamt hij zich in het gitaarspelen. In zijn middelbare schooltijd speelt hij in rockbands als Pasha & The Prophets en L.A. & The Eldorados. Vervolgens gaat hij Engels studeren aan de Syracuse University, waar hij in de auteur Delmore Schwarz een soort literaire mentor vindt. In opdracht van Pickwick Records schrijft hij surf- en motorcycle-songs op bestelling. Als gitarist van The Shades (op het hoesje abusievelijk The Jades genoemd) brengt hij de single So Blue uit. Hij doet wat aan journalistiek en acteren en komt in een scene terecht waar zwart leer, biseksualiteit en drugs aan de orde van de dag zijn. Als hij in de Herald Tribune ziet dat struisvogelveren in de mode zijn, belt hij Vogue Magazine op of ze interesse hebben om de tekst van zijn song The Ostrich met modefoto's te combineren. De band die Reed later zal oprichten wordt The Velvet Underground genoemd. In '70 is de spanning eraf. The Velvets gaan zonder Lou nog even door en pas dan blijkt definitief hoezeer Reed, Cale en Nico The Velvet Underground waren. Reed tekent een contract bij Rca om soloplaten te gaan maken. Lou Reed komt tot stand met journalist Richard Robinson als producer. Vreemd genoeg is dit eerste solo- album van wat de verpersoonlijking van New York is geworden, in Londen opgenomen, met muzikanten als Steve Howe, Caleb Quaye en Rick Wakeman. Transformer, geproduceerd door David Bowie, staat in het teken van Reeds startrip. Het geluid is lichter, bijna vrolijk-decadent. Een van de tracks, Walk On The Wild Side, wordt in '73 een hit en groeit in de loop der tijd uit tot een klassieker. Terwijl Lou Reed tijdens tournees de theatrale kant van het geheel niet uit het oog verliest en zich als een witgeschminkte, verslaafde clown over het podium sleept ('ieder concert kan het laatste zijn', is de Edith Piaf-achtige, zorgelijke kreet die men steeds vaker hoort), maakt hij, met Bob Ezrin als producer, het legendarische Berlin: een conceptalbum dat een van de belangrijkste popplaten aller tijden genoemd kan worden. Hij prijkt lange tijd als tweede na Keith Richards op de dodenlijst van de rock & roll, eet praktisch niet, slaapt weinig en gebruikt fabelachtige hoeveelheden van de meest uiteenlopende soorten drugs (hij blijkt een connoisseur op dat gebied te zijn). Na het zinderende Rock N Roll Animal, een van de betere concertregistraties uit de popgeschiedenis, komt het wat stuurloze en ironiserende Sally Can'T Dance uit, om gevolgd te worden door weer een live-album met nummers die gelijktijdig met de songs op Rock N Roll Animal zijn opgenomen. De elektronische dubbelaar Metal Machine Music wordt algemeen beschouwd als het slechtste album dat ooit door een bekend artiest is opgenomen, maar Lou Reed zelf noemt het zijn favoriet. De louter gitaar-feedback bevattende plaat lijkt het meest op een artistieke zelfmoordpoging, maar volgens John Cale heeft Reed hem vooral gemaakt om van zijn platenlabel Rca af te komen. Coney Island Baby is een plaat waarop Reed vooral in de titelsong oprechte onthullingen omtrent zijn wezen doet. Op Rock And Roll Heart is Reed een 'jolly good' jazzman geworden. De nieuwe Reed is een perfectionist, een zakenman en een realist. Street Hassle brengt weer iets meer van zijn duistere kant naar voren. Na het live-album Take No Prisoners en het wat richtingloze The Bells laat Growing Up In Public een opmerkelijk relaxte Lou Reed horen, die onder meer over de 'power of positive drinking' zingt. Voor deze plaat schrijft toetsenman Michael Fonfara alle muziek. De als vanouds weer erg sterke teksten zijn van Reed zelf. Reed treedt opnieuw in het huwelijk, met Sylvia Morales, en schijnt een voor zijn reputatie opmerkelijk ordentelijk leventje te leiden. Zoals de titel van het album al aangeeft, beschouwt hij zijn rock & roll-verleden als een periode van 'growing up in public with my pants down'. Met The Blue Mask vinden we hem weer terug bij Rca en heeft hij zelf weer de muziek geschreven voor de deels autobiografische, deels observerende nummers. Volwassen rock met een band waarin gitarist Robert Quine (ex-Richard Hell & The Voidoids) opvalt. Quine is ook te horen op Legendary Hearts en Reed doet een aantal promotie-optredens in New York, die op video worden vastgelegd. Op New Sensations, waarop ook de Brecker Brothers en de violist L. Shankar van de partij zijn, neemt Reed zelf weer alle gitaarpartijen voor zijn rekening. Op Mistrial werkt hij nauw samen met Fernando Saunders en Sammy Merendino. Reed is te horen op de anti- apartheidelpee Sun City (Emi '85) en doet mee aan de Amnesty-tournee The Conspiracy Of Hope. Voor de soundtrack van de film Soul Man (A&M '86) neemt hij samen met Sam Moore een nieuwe versie van de oude Sam & Dave-classic Soul Man op, die ook op single verschijnt. Zelf is hij te zien in de films One Trick Pony (Robert M. Young, '80) en Get Crazy (Allan Arkush, '83). In '87 loopt zijn contract met Rca af, tekent hij een contract met het Sire-label en komt tot verrassing van vriend en vijand met een waar meesterwerk op de proppen: New York, een indrukwekkend epos over de tijdgeest en een onbarmhartige kritiek op het Reagan-tijdperk. Een cyclus van veertien eenvoudige, maar doeltreffende rocksongs, 'als een film of een boek'. Met gitarist Mike Rathke, bassist Rob Wasserman en drummer Bob Medici gaat hij op tournee, waarbij hij twee, of eigenlijk drie sets speelt. Eerst nagenoeg het gehele New York-album in volgorde van de plaat, vervolgens een keuze uit iets ouder werk en bij wijze van toetje nog een greatest hits-selectie. Nimmer in zijn lange loopbaan krijgt hij zoveel goede kritieken. Reed werkt mee aan een nieuw Sun City-project, covert Frank Sinatra's One For My Baby (And One More For The Road) voor het Duets-album (Grp '88) van Rob Wasserman, speelt gitaar op de plaat van zijn oude vriendin Maureen 'Moe' Tucker en werkt samen met John Cale aan een Requiem For Andy Warhol. Het is voor het eerst sinds Cale met ruzie The Velvet Underground verlaat dat beide artiesten weer samenwerken. De songcyclus Songs For Drella gaat in oktober '89 in een kerk in Brooklyn in première. De gelijknamige cd en video volgen bijna een jaar later. In januari '92 verschijnt Magic And Loss, een conceptalbum over de dood, ter nagedachtenis van twee aan kanker overleden vrienden, onder wie de beroemde songschrijver Doc Pomus. Naast concerten houdt Reed sporadisch voorleesavonden ter promotie van een pas verschenen bundeling van zijn teksten. Zijn vroegere platenmaatschappij Rca brengt een boeiende drie-CDelige bloemlezing uit zijn oude werk op de markt: Rock And Roll Diary 1967-1980. Reed is na Bob Dylan de tweede rock- artiest die uit handen van de Franse cultuurminister Jack Lang de Franse Orde van Kunsten en Letteren ontvangt. In '93 verrast hij de goegemeente door weer met zijn oude bandje The Velvet Underground op tournee te gaan door Europa. Het Amerikaanse deel van de toer wordt echter afgezegd, omdat Reed weer ruzie heeft met Cale. Zijn huwelijk met Sylvia is in '94 definitief over, al blijft zij nog wel zijn manager. Lou wordt regelmatig gezien in het gezelschap van Laurie Anderson en moet toezien hoe Victor Bockris een tamelijk rancuneuze biografie over hem publiceert. Hij speelt zichzelf in de film Blue In The Face, het vervolg op Smoke. Set The Twilight Reeling bevat de nodige bekentenislyriek, scheurende gitaren, een afscheidsnummer voor de overleden V.U.-gitarist Sterling Morrison en een forse uithaal aan het adres van de heren politici: Sex With Your Parents Part Ii, maar het album verkoopt vrij matig. Tijdens een Rock & Roll Hall Of Fame-concert in Cleveland doet hij samen met de groep Soul Asylum het nummer Sweet Jane. Ook is hij present op het 50e verjaardagsfeestje van David Bowie in Madison Square Garden. Mei '97 komt Lou naar het Muziektheater in Amsterdam om met zijn aanwezigheid extra cachet te geven aan de voorstelling van Time Rocker, een muziektheaterstuk van het Thalia Theater onder regie van Robert Wilson met teksten en muziek van Reed. In september is hij andermaal in Nederland om zijn poëzie voor te lezen tijdens het Crossing Border Festival. Dat jaar brengt de Britse Bbc een all-star versie van Lou's Perfect Day uit dat een groot verkoopsucces wordt. Perfect Night Live In London is een in Londen opgenomen live-CD die qua materiaalkeus zijn hele, ruim dertig jaar durende carrière omspant. Ecstasy is een nieuwe, 75 minuten durende studio-CD vol ronkende gitaren en teksten over de alledaagse gekte in een wereldstad bijgenaamd 'de grote appel.' De plaat is niet het succes dat Reed er van heeft verwacht. In '00 vindt in het kader van Berlin Offene Stadt in de Duitse hoofdstad een opvoering plaats van Metal Talk, een project van Reed (muziek), Maria Vedder (video) en de groep Zeitkratzer (uitvoering). Datzelfde jaar gaat in Hamburg Poe-Try in première, Reed's tweede rock-musical in samenwerking met Robert Wilson, ditmaal gebaseerd op leven en werken van de 19e eeuwse auteur Edgar Allen Poe. Lou is het jaar daarop persoonlijk aanwezig bij de Amsterdamse uitvoering. American Poet bevat een radioshow uit '72 van Lou en de gelegenheidsformatie The Tots. The Raven is een ambitieuze dubbel-cd waarop Lou met behulp van een keur aan artiesten, zoals de acteurs William Dafoe en Elizabeth Ashley, alsmede David Bowie, de zingende folkzusters Kate en Anne McGarrigle, jazzsaxofonist Ornette Coleman, de gospelgroep The Blind Boys of Alabama en de jonge, talentvolle zanger Antony, het werk van Poe herinterpreteert. The Very Best Of Lou Reed is een door Reed zelf samengestelde, ge-remasterde, 'definitieve' compilatie uit zijn imposante oeuvre. Le Bataclan '72 is een registratie van het eenmalige optreden dat Reed, John Cale en Nico in '72 in Parijs gaven. De geluidskwaliteit is echter niet veel beter dan de al jaren circulerende bootlegs. In het kader van een Europese tournee doet Reed op 26 mei '03 Carré in Amsterdam aan, alwaar een makkelijk te verhappen greatest hits-set wordt gespeeld. De live-cd Animal Serenade verschijnt een jaar later. Op 12 november '03 doet hij voor de tweede maal het Crossing Border Festival aan. Hij leest teksten voor uit The Raven dat inmiddels ook in boekvorm is verschenen. In november '04 speelt hij op het All Tomorrow's Parties Festival in Los Angeles. Reed opent zijn optreden met de gelijknamige song. In het voorjaar van '05 is Reed alweer in Europa en speelt hij onder meer in het Haagse Concertgebouw, deze keer met wat minder voor de hand liggend repertoire. Hij ontvangt de Britse Novello Award voor componisten in de categorie Internationaal. In augustus speelt hij samen met zijn vaste gitarist Mike Rathke op het Belgische Folk Festival in Dranouter. Er verschijnen twee live-DVD's van Reed: Spanish Fly is een in Spanje opgenomen live-registratie uit '04, Live at Montreux stamt uit '00 en laat Reed horen tijdens de toer ter promotie van Ecstasy.

Bron: OOR Popencyclopedie

Terug naar het overzicht

Liefhebbers van deze artiest bestelden ook:

Meer verwante artiesten
Weet wat je bestelt dankzij onze filmtrailers

Weet wat je bestelt
dankzij onze filmtrailers!

Ook daarom koop je bij bol.com

Ga naar het hoofdmenu Ga naar het paginamenu Ga naar het begin van deze pagina