China. Je kunt er niet meer onderuit. Steeds meer krijgen we te maken met deze opkomende wereldmacht, waarvan we eigenlijk maar zo weinig weten. En van de Chinezen zelf weten we nog minder. De clichés kloppen vaak niet: Chinezen zijn geen massamensen, ze hebben wel degelijk gevoel, en ze zijn helemaal niet zo gezagsgetrouw als op het eerste zicht lijkt.
China verandert snel, maar onder de oppervlakte blijft ook veel hetzelfde. In Chinese tekens gaat Jan van der Putten, oud-correspondent in Peking en directeur van het bureau Eyes on China, in op een aantal typisch Chinese fenomenen. Hoe gaan Chinezen om met gevoel en seksualiteit? Waarom zijn ze zo dodelijk bang om hun gezicht te verliezen? Wat zit er achter hun vaak wrede omgang met dieren? Waarom gedragen ze zich in het verkeer zo roekeloos? En het éénkindbeleid, waar zal dat op uitlopen? Uit deze en andere tekens rijst een verrassend beeld op, waardoor bij de lezer een licht opgaat over 21 procent van de mensheid.
Recensie(s)
De auteur is gedurende vele jaren (1968-2003) journalist geweest, o.a. voor de Volkskrant. Van 1998-2003 was hij voor die krant buitenlandcorrespondent met standplaats Beijing. Tegenwoordig is hij directeur van zijn bureau Eyes on China, dat o.a. als doel heeft de zakelijke en culturele banden tussen China en Nederland te bevorderen. Van der Putten schreef al eerder over China, bv. Standplaats Peking*. Dit boek geeft een adequate en goed leesbare journalistieke beschrijving van enkele sociaal-culturele aspecten van de huidige (voornamelijk stedelijke) Chinese maatschappij. Aan de orde komen o.a. de een-kind-politiek, de omgang met dieren, Mao Ze Dong, het gedrag in het verkeer en seksualiteit. Soms geeft Van der Putten niet alleen een beschrijving, maar zoekt hij ook naar een mogelijke verklaring van het gedrag van de Chinezen. Een boek dat verder gaat dan een reisverslag. Met enkele zwart-witfoto's en literatuuropgave.<br/><br/>Henk Hazenbosch