Een heerlijk voorleesboek voor jongens en meisjes vanaf vijf jaar! Een pannenkoek voor de koningin is een geestig verhaal met veel plaatjes. Het bevat alle ingrediënten waar kinderen van houden: pannenkoeken, prinsessen, piraten en veel avontuur.
'Oproep! De koningin zoekt een nieuwe paleiskok.' Kobus Kok aarzelt geen moment. Hier heeft hij op gewacht. Hij meldt zich aan, maar hij is niet de enige. De kok die het lekkerste gerecht maakt, krijgt de baan.
Kobus is van plan van verse visjes een voortreffelijke soep te maken. Het koksmaatje zal de vis voor hem vangen. Maar op de dag van de wedstrijd is de kroon van de koningin weg. Alle onderdanen moeten helpen zoeken, behalve Kobus. Aan hem vertrouwt de koningin haar neefje toe.
Hoe moet het nou met de wedstrijd? Zonder vis geen soep. Kobus geeft niet op. Hij wil zo graag paleiskok worden dat hij zelfs zijn angst voor water overwint en de zee op gaat. En dat is heel wat voor iemand die als kind al misselijk werd als hij in de wastobbe zat. Het zit Kobus niet mee. De vissen bijten niet, het neefje verveelt zich stierlijk en het weer werkt ook nog tegen. Door de sterke wind raakt het bootje stuurloos, dan slaat een hoge golf het in duizend stukjes. Alles is verloren: de wedstrijd, Kobus, het neefje. Of gloort er toch nog enige hoop aan de horizon?
Recensie(s)
NBD|Biblion recensie
Kobus is kleiner en rustiger dan zijn twaalf broers die naar zee trekken. Nadat hun armoedige huisje is weggewaaid en zijn moeder van de kou is overleden, gaat Kobus naar de stad en leert daar voor kok. Hij meldt zich aan voor de wedstrijd om paleiskok te kunnen worden in de hoop de prinses, die hij in zijn jonge jaren eenmaal heeft ontmoet, weer te kunnen zien. Van de vissoep, die hij voor de wedstrijd wil maken, komt echter niets terecht. Zal hij de wedstrijd toch nog winnen? Met vaart geschreven verhaal met personificatie. Gevoel komt aan bod, meestal met een summier woord, maar vol lading. Korte zinnen met op elke pagina pentekeningen, die het verhaal weergeven. Opvallend is de tekening van de storm op zee. De ruime interlinie, de tekstblokken en de vele illustraties zorgen voor een zeer royale bladspiegel. Voorlezen vanaf ca. 5 jaar, zelf lezen vanaf ca. 8 jaar.<br/><br/>(NBD|Biblion recensie, A. Cames van Batenburg)