Geschiedenis is orientatie in de tijd. Kinderen horen te beseffen dat de mensheid er allang was voordat hun leventje begon en dat ze zelfs ouder is dan hun opa of oma. Veel ouder. En waarom zou dat wat ze leren met opzet vaag moeten blijven, in de trant van: wanneer kwamen de Middeleeuwen nu ook alweer? Was dat voor of na Napoleon? De auteurs begonnen zich grote zorgen te maken toen ze ontdekten dat het vak geschiedenis in de eindtermen van de basisschool vervangen was door het wazige 'wereldorientatie', dat niet meer geschiedenis bevat dan de juf of meester er zelf in wil stoppen. Kinderen hebben het recht de verhalen van hun land te kennen, het land dat tot nader order Belgie heet.
Recensie(s)
Een Nederlander en een Vlaming beschrijven de geschiedenis van België vanaf de prehistorie tot nu. Dat doen ze in 44 thematische hoofdstukken, selectief dus, maar wel chronologisch. In vele hoofdstukken is het ook een Europese of wereldgeschiedenis. Hoewel het boek populair-wetenschappelijk bedoeld is, tref je zelden een fout aan, maar geregeld wel een vereenvoudigde voorstelling van de zaken, onder andere bij de motieven voor Napoleon om naar Egypte en later naar Rusland te trekken. Ook bij de opstand van de Belgen in 1830 tegen koning Willem I is een aantal oorzaken weggelaten. De Oostfrontstrijders kregen geen aanmoediging van de kerk, maar een openlijk verbod. De bedoeling van de auteurs is om de geschiedenis toegankelijk en aantrekkelijk te maken voor jongeren vanaf ca. 11 jaar. Ondanks de vaak korte zinnen, een beetje humor en hoofdstukjes die je ook afzonderlijk kunt lezen, is het taalgebruik voor hen toch te moeilijk. Daarbij doet de bladspiegel vrij vol aan. De uitgebreide tekst is geïllustreerd met kleine zwart-wittekeningen. Met uitgebreid register achterin. Voor tieners en voor volwassenen is het echter heel aangename en ontspannende lectuur. Globaal gezien is het een goed geschiedenisboek voor iedereen vanaf ca. 14 jaar.<br/><br/>Drs. Jef Abbeel