Hunted: Demon's Forge is de nieuwste game van Brian Fargo, de
man achter Bard's Tale, Baldur's Gate en Fallout. In Hunted:
Demon's Forge worden klassieke rpg-elementen in een nieuw jasje
gestoken!
De jaren van duisternis zijn besmeurd geraakt met het kwaad.
Bloeddorstige wezens zijn uit de grond omhoog gekomen en dorpen
stromen nu langzaam leeg. Niet omdat de mensen vluchten, maar omdat
de inwoners letterlijk verdwijnen. E'lara en Caddoc gaan op
onderzoek uit. Hun avontuur neemt ze mee op het duistere pad vol
dood, slavernij en opofferingen. Ze moeten afdalen in de wereld van
Kala Moor om de geheimen van de Demon's Forge te ontdekken!
Hunted: Demon's Forge draait om de karakters E'lara en Caddoc.
Waar E'lara met haar boog met name op lange afstanden smerige
monsters omlegt, steekt de sterke Caddoc zijn zwaard liever van
dichtbij in een dikke trol. E'lara en Caddoc vullen elkaar prima
aan. De coöperatieve modus is ook één van de belangrijkste
onderdelen in Hunted: Demon's Forge. De gameplay is in
tegenstelling tot de meest rpg's bijzonder actiegericht.
Hunted: Demon's Forge speelt zich af in een duistere
fantasiewereld. Door samen te werken, zal je steeds meer wapens en
spreuken krijgen om hordes vijanden om zeep te helpen. Gedurende je
avonturen kom je duistere grotten tegen, spookachtige dorpjes en
eeuwenoude ruïnes. Het is aan E'lara en Caddoc om het mysterie van
de Demon's Forge te ontrafelen en de wereld te redden!
Recensie(s)
Hunted: The Demon’s Forge. Niet al te lang geleden stond een
taxirit vanaf luchthaven Heathrow naar hartje Londen volledig in
het teken van deze toch wat goedkope naam. Met wat voor ’n game zou
uitgever Bethesda Softworks op de proppen komen? Volgens mij en
mijn meegereisde concullega’s kon het niet missen: we zouden een
rasechte hack ’n slasher met RPG-elementen en Orks voor onze kiezen
krijgen. En zo het geschiedde.
<p>Toegegeven, de bovenstaande omschrijving van Hunted: The Demon’s
Forge lijkt misschien een beetje te kort door de bocht, maar na een
gameplaydemonstratie van een klein half uurtje bleek Hunted toch
weinig meer te omvatten. Ontwikkelaar InXile Entertainment ziet
deze game als de brug tussen de ouderwetse dungeon crawlers als
Dungeons & Dragons en de hedendaagse actiegames als Gears of War en
eerlijk gezegd grijpen we hiermee de ware essentie van Hunted
direct bij de lurven.</p>
<p>Het verhaal draait, in een notendop, om een burgemeester wiens
stad wordt overspoeld door allerlei tuig, Orks en demonen. De
burgervader weet van zijn stad op geen enkele manier een veilige
haven te maken, waarna hij besluit de hulp in te roepen van een
tweetal helden: een vrouwelijke jager en een mannelijke krijger.
Deze twee helden gaan in kerker na kerker op zoek naar de oplossing
voor het vervelende kwaad en doen dit, zoals een echte moderne
actiegame betaamt, coöperatief.</p>
<p>Hunted is een echte co-op-game, waar online (!) samenwerken met
andere spelers de enige juiste manier van spelen is. Uiteraard zal
één van de spelers in de huid van de koelbloedige en kinky jager
kruipen, terwijl de ander zich ontfermt over de terughoudende
krijger. Beide personages hebben een eigen speelwijze. Zo werkt de
jager vooral met pijl en boog, terwijl de krijger zijn zwaard door
zoveel mogelijk Ork-lichamen hakt. Het spreekt dus voor zich dat de
jager zich vooral vanuit de achterhoede in de strijd zal mengen
terwijl de krijger midden tussen de vijanden om zich heen hakt.</p>
<p>De balans tussen de twee helden zit voorlopig dus best goed,
maar wat nou als je halverwege een co-op-game plots inziet dat je
toch liever met het andere personage speelt? Hierop heeft InXile
iets leuks bedacht: op speciale checkpoints kun je wisselen van
personages, waardoor je jouw boog altijd aan de wilgen kunt hangen
en eindelijk eens kunt hakken met een zwaard. Deze wisselingen
kunnen best wel eens cruciaal zijn voor de variatie binnen de
game.</p>
<p>Qua diversiteit wist Hunted mij voor de rest namelijk nog niet
echt te overtuigen. De omgevingen zien er weliswaar redelijk
afwisselend uit, maar tijdens het kijken naar de demonstratie werd
steeds weer de indruk gewekt dat elke kerker op precies dezelfde
manier moet worden doorlopen. Steeds weer kwamen er hordes Orks op
de twee strijders af en steeds weer werd dit gespuis op eenzelfde
manier gedood door het samenspel van close combat- en long
range-aanvallen.</p>
<p>Wat me misschien nog wel meer zorgen baarde, was het
overduidelijk spelen van leentjebuur. De personages rennen namelijk
à la Gears of War door de omgevingen en zoeken continu dekking
achter verschillende obstakels. En dan nog de tussenbazen, die met
Quick-Time Events op spectaculaire wijze (dat dan weer wel) om het
leven moeten worden gebracht. God of War, iemand? En daarmee houdt
de vergelijking met God of War nog niet eens op, want het
eerdergenoemde RPG-element reikt op het eerste gezicht namelijk
weinig verder dan het upgraden van wapens met speciale kristallen…
Juist, klinkt een beetje als het orb-systeem dat onze boze vriend
Kratos ook gebruikt..</p>
<p>Het moge inmiddels duidelijk zijn dat Hunted na de eerste
kennismaking nog teveel aanvoelt als een mengelmoes van een aantal
actiegames met daaroverheen een fantasy-sausje. Dit is totaal niet
zoals ik me de burg tussen de ouderwetse dungeon crawlers en
hedendaagse actiegames had voorgesteld, maar hopelijk weet InXile
me uiteindelijk nog te overtuigen met een knoepert van een topper.
De gedachtegang achter Hunted: The Demon’s Forge is namelijk een
hele goede. Nu de uitwerking nog.</p>
In theorie heeft Hunted: The Demon’s Forge veel interessants
te bieden; een duistere fantasiewereld, actiegeoriënteerde gameplay
met RPG-elementen en een nadruk op coöperatief knokken. Maar de
bedenkingen over deze smeltkroes van elementen kwamen eerder dit
jaar niet zomaar uit de lucht vallen. Alles voelde maar matig
uitgewerkt aan. En dat is het eindresultaat ook bijna in elk
opzicht geworden: matig.
<p>De huurlingen die centraal staan op het strijdtoneel zijn de
katalysators waarmee de ellende letterlijk en figuurlijk begint. Ik
stel je voor aan Caddoc, een koelbloedige kleerkast met een
voorliefde voor zware slagwapens maar geen keuze kan maken uit
twintig verschillende accenten en E’lara, een hoogbejaarde elf die
er ondanks haar leeftijd niet minder appetijtelijk uitziet en wier
afgeschoten pijlen net zo snedig zijn als haar opmerkingen. Samen
doorkruisen ze kerkers, ondergrondse burchten, platgebrande dorpen
en andere woestenijen om zoveel mogelijk Wargar (lees: Orks),
demonen en ander hels gespuis te trotseren. Het markante duo is net
zo inwisselbaar als de slechte wezens die ze over de kling jagen.
Ze nemen amper de moeite om zich te profileren. Dat is ergens maar
goed ook, want ze zijn al dom genoeg zonder dat er een woord uit
hun digitale bakkes komt.</p>
<p>De stupiditeiten van respectievelijk Caddoc en E’lara werken in
een kort tijdsbestek al op de zenuwen. Zo moest ik mij, spelende
als de lichtvoetige E’lara, over een kantelende loopplank
manoeuvreren. Het wipwap-principe, je kent het wel. Helaas kwam het
niet in Caddocs botte kop op om de plank in balans te houden en
bleef de dommekracht schaapachtig naar zijn gigantische strijdbijl
gluren. De computergestuurde partner heeft er ook vaak een handje
van om je te laten creperen in noodsituaties omdat hij of zij te
druk bezig is met het bewonderen van spinnenwebben langs de muur,
het wegturven van vijandelijke slachtoffers of vastzitten in het
generieke bruingetinte decor.</p>
<p>Samenwerken met een vriend is niet alleen een stuk gezelliger,
het ontneemt ook een hoop frustratie die de kunstmatige
intelligentie teweeg brengt. Je stormt nu eenmaal met een stuk meer
vertrouwen het slagveld op wanneer je dekking krijgt van een
bekwame boogschutter. Aanvankelijk verlopen de meeste gevechten nog
niet zo vlot, totdat je met de her en der verspreide kristallen een
aantal krachtige spreuken hebt gekocht. Wanneer je samen moeiteloos
vijanden elektrocuteert, de lucht in blaast of in een blok ijs
tovert kan er eindelijk wat gelachen worden. Keer op keer hetzelfde
palet aan demonische gedrochten neermeppen is dan ineens een stuk
minder saai.</p>
<p>Door het combineren van spreuken en gevechtstijlen vergeet je
soms even dat je een matig spel aan het spelen bent. Maar zodra het
gekletter van staal weer is weggeëbd, richten de ogen zich
automatisch op het generieke leveldesign. Op een aantal mooie
vergezichten na ben je continu tegen de donkere, stenen muren van
naargeestige kerkers aan het koekeloeren. Bovendien krijg je
nergens de mogelijkheid om op te splitsen of een alternatief pad te
kiezen. Er zijn weliswaar puzzels op te lossen die je iets verder
van het pad af doen dwalen, maar een sterker, ‘zeldzaam’ wapen als
beloning is maar nét genoeg om de saaie zoektocht te
rechtvaardigen.</p>
<p>Na een ruime tien uur aan Wargar kortwieken, slaven bevrijden en
potions achterover slaan, zul je waarschijnlijk nog lang niet elke
duistere hoek hebben verkend. Sterker nog, Hunted: The Demon’s
Forge heeft een eigen map editor waarmee je in feite door kunt
spelen tot je beeldbuis inbrandt. In The Crucible kun je met het
geld dat je na gevechten verzamelt, kerkers genereren en volstouwen
met de grootst mogelijke monsters. Helaas heb je voor de meeste
opties zóveel geld nodig dat je haast genoodzaakt bent om het spel
nogmaals uit te spelen. Bij zo’n uitzichtloze situatie gooien zelfs
doorgewinterde huurlingen als Caddoc en E’lara hun wapens in het
hok.Conclusie: Als Hunted: The Demon’s Forge zorgvuldiger was
omgegaan met de aanwezige elementen, dan was het eindresultaat
misschien wel zeer leuk geweest om te spelen. Om het spel een
martelgang te noemen zou te ver gaan, maar plezierig is het
evenmin. De lol moet vooral gezocht worden bij een medespeler en
zelfs in coöperatief verband is het niet veel meer dan hoongelach
dat deze matige actiegame teweeg brengt.</p>