In Letterlust gaat Kees van Kooten samen met grafisch ontwerper Ewald Spieker op zoek naar de wortels van hun handschrift en typografie. Ze doen dit door het alfabet letter voor letter onder de loep te nemen. Ze proberen zich te herinneren welke moeilijkheden het aanleren en op papier zetten van de afzonderlijke karakters opleverden.
Tot de onderwerpen die Van Kooten en Spieker elk op hun eigen manier behandelen behoren: het verticale alfabet, de a van alles, de lage c, stoepografie, f for fake, stokletters, de iele i, die jees, de keo leoit, de Mmmmmm, de bevlekking van de hemel, de achterstevoren P, het stenen krijtperk, die man is sh, de slappe t, potlood, het kutteken, ruimteletters, de v, werkkamer, ik in het meervoud, de enge Y, spoorzoeken en zwierschrift.
Recensie(s)
In 'Letterlust' (de naam is ontleend aan een gedicht van Joost van den Vondel) belijden auteur Kees van Kooten en typograaf Ewald Spieker hun liefde en lust voor de gedrukte en geschreven vormen van het alfabet. Kees van Kooten graaft zich weer eens autobio en beschrijft in een reeks aardige verhalen over de associaties die zijn kennismaking - rond 1947 - met het alfabet en het leren lezen en schrijven bij hem oproepen. Hij schrijft over de eerste woorden die hij in de wereld om zich heen ontdekte: de merknamen van huishoudelijke artikelen (VIM, LUX) en voetballer Abe (Lenstra), over de iele I, stoepkrijt- en luchtletters, over chocoladeletters die echt allemaal even veel wegen, over strafregels schrijven en het stenen krijtperk, over de slappe T, het kutteken, potloden en ruimteletters, de enge Y en Zwierschrift. Ewald Spieker geeft een grafische interpretatie van deze letterherinneringen met vele afbeeldingen van letters zoals hij ze tussen 1970 en 2003 heeft vormgegeven. Een schitterend uitgegeven en vormgegeven boek (paperback; bijna A4 formaat): een lust voor het oog en voor het taalgevoel. Met voorin een tekstinhoudsopgave en achterin een beeldinhoudsopgave.<br/><br/>Redactie