Iedereen heeft wel een mening over de kwaliteit van journalistiek en media: lezers, kijkers, luisteraars, internetters, mensen die gewild of ongewild in het nieuws komen, communicatie- en mediawetenschappers en uiteraard degenen die hun brood verdienen met of aan journalistiek. Binnen en buiten de beroepsgroep maken velen zich zorgen over ontwikkelingen die de kwaliteit onder druk zetten. Maar over wát goede journalistiek is, wordt verschillend gedacht en geschreven.In Journalistieke kwaliteit i...
Iedereen heeft wel een mening over de kwaliteit van journalistiek en media: lezers, kijkers, luisteraars, internetters, mensen die gewild of ongewild in het nieuws komen, communicatie- en mediawetenschappers en uiteraard degenen die hun brood verdienen met of aan journalistiek. Binnen en buiten de beroepsgroep maken velen zich zorgen over ontwikkelingen die de kwaliteit onder druk zetten. Maar over wát goede journalistiek is, wordt verschillend gedacht en geschreven. In Journalistieke kwaliteit in het crossmediale tijdperk brengt journalist en socioloog Kees Buijs de uiteenlopende opvattingen in kaart en zet deze in historisch en internationaal perspectief. Hij laat zien dat opvattingen over goede journalistiek nauw samenhangen met clusters van beroepswaarden, normen en deugden waaraan journalisten en redacties zeggen te hechten. Nu de werkwijze en de omgeving van de redacties in het crossmediale tijdperk sterk verandert, rijst de vraag hoe de journalistieke kwaliteit bewaakt blijft. Het boek is bedoeld voor journalisten, communicatiewetenschappers, studenten en iedereen die de nieuwsmedia kritisch volgt.
Recensie(s)
NBD|Biblion recensie
'Journalistiek en media zijn heftiger in beweging dan ooit',
aldus het voorwoord bij deze stevige analyse van de aardschokken
die de journalistiek de laatste jaren beleeft: websites trekken
meer lezers dan kranten doen; Youtube; Google-news; kluizenaars
beginnen een online radiostation. Het zijn maar enkele voorbeelden
van het Wilde Westen in medialand. Journalisten, kijkers, lezers,
adverteerders, uitgevers - ze zijn de weg kwijt en niemand kan
aangeven welke kant de media opmoeten. Dit boek probeert in die
chaos orde te scheppen door de vraag centraal te stellen: wat
betekenen de mogelijkheden van het crossmediale tijdperk voor de
kwaliteit van de journalistiek? Want als er dan iets leidraad zou
moeten zijn, dan is het wel de kwaliteit van de media, aldus de
auteur. Het is daarmee een boek voor insiders geworden, voor
wetenschappers en studenten, niet voor journalisten of een breder
publiek. Een boek over het mediavak, niet meteen voor het vak. Een
boeiend overzicht van waar we staan, dat wel. Al dreigt hier dat
ook de analyse van de auteur wordt ingehaald door de werkelijkheid.
Met eindnoten, een literatuuropgave en afzonderlijke registers op
personen en zaken.
(NBD|Biblion recensie, Drs. ing. M.C. v. Kerkhoven)