PIETER OOSTERHUIS [1816-1885]Pieter Oosterhuis vestigde zich in 1851 als daguerreotypie-portretfotograaf in Amsterdam. Enige tijd later begon hij, als eerste Nederlander, met het maken van stereofoto's en stadsgezichten. Zijn magnum opus is echter de fotografie die hij maakte in opdracht van de industrie. Zijn foto's van de scheepvaartindustrie en de bruggenbouw zijn onge'venaard. In het boek is hiervan een uitgebreid overzicht opgenomen.
PIETER OOSTERHUIS [1816-1885] Pieter Oosterhuis vestigde zich in 1851 als daguerreotypie-portretfotograaf in Amsterdam. Enige tijd later begon hij, als eerste Nederlander, met het maken van stereofoto's en stadsgezichten. Zijn magnum opus is echter de fotografie die hij maakte in opdracht van de industrie. Zijn foto's van de scheepvaartindustrie en de bruggenbouw zijn onge'venaard. In het boek is hiervan een uitgebreid overzicht opgenomen.
Recensie(s)
NBD|Biblion recensie
Dit fotoboek is het derde deel in de serie monografieën van Nederlandse fotografen uitgegeven op initiatief van het Prins Bernhard fonds. Pieter Oosterhuis leefde van 1816-1885 en is opgeleid als kunstschilder. Aanvankelijk hield hij zich bezig met portretfotografie, daarnaast als één van de eersten met stadsgezichten, waarbij hij de stereofotografie gebruikte. Bekend is hij vooral vanwege het in opdracht fotograferen van de bouw van waterbouwkundige werken en bruggen. Hij maakte groot formaat glasnegatieven en bereikte met het bewerkelijke procédé en het grote moeilijk hanteerbare materiaal van die tijd een hoge kwaliteit. Ook qua compositie spreken deze foto's sterk aan, bijv. een doorkijk in de stalen vakwerkbrug voor de spoorwegen bij Culemborg (tevens omslagfoto). Het boek geeft ruim 80 foto's (formaat 35 x 27 tot 5 x 5 cm), daarnaast worden in een appendix alle projecten in opdracht beschreven (21), met alle daarbij gemaakte foto's, waarvan er per project 3 tot 6 zijn weergegeven op formaat 6 x 5 cm (totaal 78 foto's). Er is een uitgebreide beschrijving van leven en werk en een bibliografie. (Biblion recensie, Piet Huson.)