Zho staat voor 'Ziende het onzienlijke', de Dharmanaam die Marloes Lasker (1976) enkele jaren geleden van haar zenleraar kreeg. Op het eerste gezicht misschien een vreemde naam, voor iemand die officieel doofblind is. Marloes heeft het syndroom van Usher: haar gezichtsvermogen is minder dan vijf procent en zonder gehoorapparaten kan zij bar weinig horen. Toch ervaart zij de wereld zoals die zich op het moment van de dag aan haar openbaart, tot in het kleinste detail. Hiervan doet zij gedurende h...
Zho staat voor 'Ziende het onzienlijke', de Dharmanaam die Marloes Lasker (1976) enkele jaren geleden van haar zenleraar kreeg. Op het eerste gezicht misschien een vreemde naam, voor iemand die officieel doofblind is. Marloes heeft het syndroom van Usher: haar gezichtsvermogen is minder dan vijf procent en zonder gehoorapparaten kan zij bar weinig horen.
Toch ervaart zij de wereld zoals die zich op het moment van de dag aan haar openbaart, tot in het kleinste detail. Hiervan doet zij gedurende haar eenendertigste levensjaar in woord en beeld verslag in dit art journal (visueel dagboek). De 'allergewoonste' zaken, zoals een appel en een ui, theedrinken in een Utrechts stadscafé en de eerste magnoliabloem, worden afgewisseld met rake observaties, verhelderende overpeinzingen en een vleugje humor.
Met een voorwoord van Dick Verstegen, zenleraar en auteur.
Recensie(s)
NBD|Biblion recensie
Dagboekaantekeningen van iemand voor wie de handicap vooral
tot bijzondere dingen leidt. 'Zho' is een prachtig en apart boek.
Het draagt weliswaar de ondertitel 'een jaar uit het leven van een
doofblinde vrouw', maar het is eigenlijk een jaar uit het leven van
een vrouw die toevallig ook doofblind is (of liever: erg slecht
ziet en erg slecht hoort). De informatie over het doofblind zijn
sijpelt soms tussen de woorden en erg mooie, soms ontroerende
tekeningen door, maar spat ook wel eens zeer doordringend van het
blad af. De auteur heeft het zeldzame syndroom van Usher (waardoor
haar gezichtsvermogen minder is dan vijf procent en ze zonder
gehoorapparaat vrijwel niets hoort), 'doet' aan zen, zoals het
voorwoord duidelijk maakt, kan vertederend, humoristisch en zeer
open en direct vertellen en heeft met dit boek een zeer apart en
lezenswaard dagboek gemaakt. Het is bedoeld voor iedereen die
doofblind is, iemand kent die doofblind is, maar ook voor iedereen
die iets over zen wil weten of die gewoon een mooi, vrolijk en soms
tot mijmeren stemmend boek wil lezen. De tekst van het boek is
vrijwel geheel in handschrift afgedrukt; het is geillustreerd met
talrijke foto's en tekeningen in kleur van de schrijfster
zelf.