Barnabas Holee, de eerste evangelist in Nederland met een artiestennaam, deelt de liefde van Jezus bij voorkeur fysiek. Talkshows zien hem graag verschijnen en de voorste kerkbanken worden tijdens zijn diensten over het algemeen gevuld door wild flitsende glamourfotografen. Maar zoals aan de meeste dingen in het leven hangt ook aan populariteit een prijskaartje. En voor een evangelist is de prijs misschien nog wel hoger dan voor de rest van ons.
Recensie(s)
De ijdele, fotogenieke Barnabas Holee is predikant met een grote zendingsdrang en een sterke behoefte aan vrouwen. Naar zijn mening gaan zaadlozing en uitstorting van de Heilige Geest goed samen (seksscenes komen in het boek overigens niet voor). Holee mist zelfbeheersing en zelfkritiek. Applaus, populariteit en marketing bepalen zijn gedrag en de inhoud van zijn preken. Geloof is verworden tot een grabbelton voor zelfgewin. De Bijbel presenteert hij als zelfhulpboek voor leuk en leut. Zo snel en dynamisch Holee in het eerste deel kerk en media veroverde, zo snel gaat het in het tweede deel bergafwaarts. Al stelt Boomsma (1974, tot dusver vooral bekend van televisie) dat het verhaal verzonnen is, de roman lijkt autobiografischer dan hij bedoelde. Ironie, spot, geloofs- en maatschappijkritiek en blasfemie liggen dicht tegen elkaar aan. Deze wat gewild aandoende roman is vlot geschreven, maar zijn hoofdpersoon wordt noch in zijn opgang, noch in zijn neergang een boeiende persoonlijkheid. Ondanks Boomsma's goede bedoelingen komt uit zijn roman een wat karikaturaal beeld van geloof, gelovige en Bijbel naar voren. Kleine druk.<br/><br/>Gerard Oevering