Zelf schrijver worden

Zelf schrijver worden
Auteur: Gerard Reve
Uitgever: Sdu Uitgevers
  • Nederlands
  • Paperback
  • 9789012082426
  • Druk: 1
  • 88 pagina's
Alle productspecificaties

Gerard Reve

Gerard Reve werd in 1923 geboren in Amsterdam. Hij debuteerde in 1946 met de aangrijpende novelle De ondergang van de familie Boslowits in het tijdschrift ‘Criterium’. Zijn in 1947 bij uitgeverij De Bezige Bij verschenen romandebuut De avonden – het enige werk ooit, waarvoor hij de exploitatierechten voor de duur van het auteursrecht zou afstaan – riep sterk uiteenlopende reacties op. Met de novelle Werther Nieland die in 1949 verscheen in Geert van Oorschots reeks ‘De vrije bladen’, begon een langdurige verstandhouding tussen de schrijver en de uitgever, die, compleet met zakelijke en vriendschappelijke breuk én het herstel daarvan, zou duren tot Van Oorschots dood in 1987.

Tijdens zijn huwelijk met de dichteres Hanny Michaelis, van 1948 tot 1959, verbleef Reve met enige regelmaat in Engeland. In 1956 publiceerde hij de rechtstreeks in het Engels geschreven bundel The acrobat and other stories maar voor het overige bevond Reve zich literair in een impasse. Wel maakte hij in die tijd zowel zijn ontwikkeling naar het rooms-katholicisme als naar een openlijke beleving van zijn homoseksualiteit door. In 1957 trad hij toe tot de redactie van het een jaar tevoren door Van Oorschot opgerichte tijdschrift ‘Tirade’. Gaandeweg zijn redacteurschap, dat tien jaar zou duren, kwam zijn productie weer op gang: in 1961 verscheen Tien vrolijke verhalen, in 1963 Vier wintervertellingen, de geautoriseerde vertaling door Michaelis van The acrobat and other stories. Met Op weg naar het einde, de bundeling van zes in ‘Tirade’ voorgepubliceerde ‘reisbrieven’ waarin religie en homoseksualiteit elkaar vinden in het zogenaamde ‘revisme’, brak Reve door naar het grote publiek. ‘Brief uit het huis genaamd “Het Gras”’, opgenomen in het tweede brievenboek, Nader tot U (1966) verwekte een schandaal. Reve werd vervolgd wegens godslastering maar na een slepend proces in 1968 door de Hoge Raad van alle aanklachten vrijgesproken.

In 1969 ontving Reve de P.C.Hooftprijs, Nederlands belangrijkste literaire (toen nog staats-) prijs voor letterkunde. Dat najaar verwekte (het tv-verslag van) een huldiging in de Amsterdamse Heilig Hartkerk opschudding, niet in de laatste plaats omdat hij de kerk arm in arm met zijn toenmalige liefdesvriend Willem van Albada (‘Teigetje’) binnenschreed, waardoor de bijeenkomst tevens de indruk wekte van een kerkelijke huwelijksinzegening. Beide gebeurtenissen in dat jaar symboliseerden zowel de algemene waardering voor zijn schrijverschap als de sterk toegenomen maatschappelijke acceptatie van het verschijnsel homoseksualiteit, waarvan hij zich een voorvechter op de eerste rang had getoond.

Hoewel Reve ook nadien een fijne neus bleef tonen voor publiciteit, trok hij zich niettemin grotendeels daaruit terug. Omstreeks 1970 verbrak hij de zakelijke en vriendschappelijke band met Geert van Oorschot. In diezelfde tijd verwierf hij een lapje grond in een afgelegen vallei in Zuid-Frankrijk en bouwde daar een ‘kazemat’ (echo’s hiervan zijn terug te vinden in Een eigen huis uit 1979). In de vijf volgende jaren veranderde zijn privéleven aanzienlijk; eerst door het aangaan van een ménage à trois met een vriend van Van Albada, Henk van Manen, en na een breuk met deze beiden enkele jaren later het aantreden, in 1975, van Joop Schafthuizen, die zijn levenspartner zou worden en blijven.

Achteraf bezien kan Reves literaire productie tot 1976, door een steeds verdere verfijning en versmalling van het ‘revisme’, vermoedelijk het best worden omschreven als ‘camp’. Hieronder vallen de bij uitgeverij Athenaeum–Polak & Van Gennep verschenen boeken De taal der liefde (1972), Lieve jongens, Het zingend hart (gedichten, 1973), Het lieve leven (1974) en, na een volgende overstap naar uitgeverij Elsevier, Ik had hem lief (1975) en Een circusjongen (1975). Het werk uit deze periode leek een kentering in de waardering te veroorzaken. Reve werd ondermeer een teveel aan in strakgespannen fluwelen broeken gestoken jongemannen verweten, alsook dat hij ‘in herhaling’ verviel, wat hem de tegenwerping ‘Wie moet ik anders herhalen?’ ontlokte.

De onverhulde eerlijkheid in de ‘romans’ Oud en eenzaam (1978) en Moeder en Zoon (1980) wekte echter weer alom bewondering. Dit zal hebben bijgedragen tot de opdracht van de stichting Collectieve Propaganda voor het Nederlandse Boek (CPNB) om voor 1981 het Boekenweekgeschenk te schrijven. Het script werd evenwel afgekeurd omdat het te seksueel expliciet werd bevonden. Mede door de ophef die dit veroorzaakte, werd De vierde man als reguliere uitgave een doorslaand succes. Hierop volgden bij Elsevier nog de roman Wolf (1983) en Roomse heisa (1985), een verslag over het bezoek van paus Johannes Pasulus II aan Nederland. Toen bekend werd dat Elsevier zijn literaire activiteiten overhevelde naar een andere uitgeverij waarvan hij niet gediend was, stapte Reve over naar uitgeverij Veen, waar sindsdien op drie uitzonderingen na zijn overige werk zou verschijnen.

In verschillende bewoordingen heeft Reve in de loop der jaren meer dan eens gezegd dat Geert van Oorschot geen man was op wie men kwaad kon blijven. Na een voorzichtig contactherstel tussen beide mannen in 1979 kwam het zelfs tot drie nieuwe uitgaven bij Van Oorschot, Brieven aan Josine M. (1981), Brieven aan Ludo P. (1986) en, in het jaar van Van Oorschots dood, Verzamelde gedichten (1987).

In het begin van de jaren ’90 verlieten Reve en Schafthuizen Frankrijk en vestigden zich in België. Reve zou, naast een aantal andere brievenboeken en gelegenheidsuitgaven, nog drie romans publiceren: Bezorgde Ouders (1988), Het boek van violet en dood (1996) en ten slotte Het hijgend hert (1998). In laatstgenoemd jaar werd een aanvang gemaakt met de publicatie van een Verzameld werk-uitgave, die zes delen dundruk zou omvatten. Ten slotte keerde de schrijver, met medeneming van de uitgaverechten op al zijn boeken, terug bij De Bezige Bij, waar hij ooit met De avonden was gedebuteerd. Wel vervulde hij nog een lang door hemzelf en de opvolgers van Geert van Oorschot gekoesterde wens door het sluiten van een overeenkomst voor de uitgave van de integrale briefwisseling tussen Van Oorschot en hemzelf, die de periode 1951–1987 omspant.

De verschijning bij Van Oorschot van dit lijvige boekwerk (ruim 800 bladzijden) op 12 september 2005 zou Reve helaas niet meer bewust meemaken. Omstreeks 2003 kreeg de ziekte van Alzheimer, waarvan de eerste tekenen zich kort tevoren bij hem hadden geopenbaard, hem steeds vaster in haar greep. Liefdevol thuis verzorgd door Schafthuizen zo lang het nog kon, verbleef Reve de laatste anderhalf jaar van zijn leven in een verzorgingstehuis in de buurt van zijn huis, waar Schafthuizen hem iedere dag bezocht.

Zijn dood, op 8 april 2006, en zijn uitvaart een week later, leidden tot een voor kunstenaars ongekende media-aandacht. Gerard Reve is ter aarde besteld op de begraafplaats van de Belgische gemeente Machelen aan de Leie, zijn laatste woonplaats. Op bol.com vind je alle boeken van Gerard Reve.

Samenvatting

In het najaar van 1985 hield Gerard Reve vier lezingen in de Leidse Pieterskerk, ter afsluiting van zijn leeropdracht als gastschrijver aan de Leidse Letterenfaculteit. In de voordrachten zet Reve zijn persoonlijke theorie uiteen met betrekking tot religie, kunst, en in het bijzonder literatuur. Hij benoemt de vier zuilen van het proza, te weten Conceptie, Compositie, Stijl en Woordgebruik. Zo ontvouwt Reve op kenmerkende wijze zijn persoon-lijke poëtica: ernstig en ironisch, stellig en uiterst humoristisch tegelijk.

Recensie(s)

Herdruk van de vier Verweylezingen die Reve november 1985 uitsprak in de Leidse Pieterskerk, met een voorwoord van de schrijver. Het eerste college ging over de relatie kunst en religie en Reve behandelde daarin mystiek, erotiek, liefde en dood, tevens de grote thema's van de schrijver zelf. Bovendien verdedigde hij de katholieke kerk als bron en stimulator van kunst. De beloofde lezing over socialisme als kunstvijandige 'religie' ging niet door omdat de eerste met een (toen zorgvuldig uit de publiciteit gehouden) rel geeindigd was. Het tweede college was nu veel concreter en omvatte Reves persoonlijke theorie van de roman, zijn eigen poetica, die hij in de volgende twee lezingen verder uitwerkte in ambachtelijke aanwijzingen. Opmerkelijk, maar trouw aan het eigen schrijversschap, is Reves visie op cliche en kitsch. Al zijn de colleges geen wetenschappelijke betogen, de schrijver neemt zijn leeropdracht zeer serieus. Door de typisch Reviaanse voorbeelden valt er ook nog veel te lachen.

Theo Vos.

5.0
van de 5
1 review
0
0
0
0
1
0
0
  • schrijfles van Gerard Reve
    • zowel erg grappig als bloedserieus

    Geschreven bij Zelf Schrijver Worden

    Reve had aangekondigd dat hij vier colleges zou geven. Het eerste zou gaan over religie, het tweede over het socialisme, het derde over de moraal, en het vierde over kunst, maar er ontstond erg veel commotie. Er waren maar liefst 6.000 mensen aanwezig van wie slechts 1.500 een plaats vonden om te zitten. Het publiek bestond niet alleen uit fans en belangstellenden maar bovenal uit rabiate tegenstanders van Reve. Zijn ongerijmde logica viel niet bij iedereen in goede aarde en zijn pleidooi voor het katholicisme gecombineerd met zijn afkeer van het socialisme en vermeende racisme bracht de gemoederen flink in beweging.

    Toen één van de toehoorders aan het einde van het college de kritische vraag stelde of socialisme en katholicisme niet heel goed konden samengaan, ontstak Gerard Reve in woede. Hij ging de vragensteller zelfs met een gebroken wijnglas te lijf en zo eindigde een enerverend college met een ordinaire vechtpartij.

    Na deze gênante vertoning wijzigde Gerard Reve zijn plannen. Hij schrapte het socialisme en de moraal van zijn agenda, en hield ook de religie na de eerste keer voor gezien. In plaats daarvan sprak hij de overgebleven drie lezingen enkel en alleen over de kunst van het schrijven. Het resultaat is te lezen in dit prachtige boekje waarin vlijmscherpe humor en dodelijke ernst hand in hand gaan.

    Humor is er volgens Reve dan ook niet omwille van de humor. Het versterkt juist de tragiek van het leven. Soms moet je nu eenmaal ‘de boel rechtzetten, op een rij plaatsen en tot de kern herleiden: dat is het bestaan; dat blijft er over, en daar kun je je beter aan houden.’

    Vond je dit een nuttige review?
    9 2 Ongepaste review?

Productspecificaties

Inhoud

Taal
Nederlands
Bindwijze
Paperback
Druk
1
Afmetingen
21 x 14 x 1 cm
Aantal pagina's
88 pagina's
Illustraties
Nee

Betrokkenen

Auteur
Gerard Reve
Uitgever
Sdu Uitgevers

EAN

EAN
9789012082426

Overige kenmerken

Gemiddelde leestijd
2 h
Thema Subject Code
JNLB

Je vindt dit artikel in

Categorieën
Uitvoering
Boek
Studieboek of algemeen
Algemene boeken
Nieuw of tweedehands
Tweedehands
Aanraders
Bestbeoordeeld
39 99
+ € 1,99 servicekosten
Alleen tweedehands
Als nieuw
Zeldzame editie van dit boek: SDU, eerste druk 1995. Gaaf en smetteloos exemplaar in onberispelijke nieuwstaat.
1 - 8 dagen Tooltip
Verkoop door partner van bol.com DE SNEUP SHOP
Andere verkopers (1)
  • Gratis verzending
  • 14 dagen bedenktijd
  • Tweedehands artikelen retourneren is vaak niet gratis

Vaak samen gekocht

Alle bindwijzen en edities (3)

  • 39,99
    1 - 8 dagen Tooltip
  • 24,85
    1 - 8 dagen Tooltip
  • 39,99
    1 - 8 dagen Tooltip