DE MASKERS VAN ODIN opent onze ogen voor wijsheid die lang verzegeld is geweest en onthult oeroude kennis uit een tijd waarin wetenschap, filosofie en religie één waren.
Door de heldere vertaling van de belangrijkse liederen van de Poëtische of Oudere Edda en de toelichtingen en aantekeningen van Elsa-Brita Titchenell wordt de tijdloze wijsheid van de skalden (leraren) begrijpelijk.
De verhalen over goden en helden, elfen en dwergen, reuzen en levensbomen worden met behulp van theosofische sleutels ontcijferd, zodat de lezer een ruimer begrip krijgt van de kosmische visie in de Oud-Noorse mythologie.
Recensie(s)
De Zweeds-Amerikaanse schrijfster (1915-2002) van deze fascinerende en goed leesbare studie over en verzameling van belangwekkende teksten van de poetische Edda´ wijdde bijna haar gehele leven aan de studie van de geestelijke beweging van de theosofie. Deze beschouwt alle wezens als in essentie een. Het gehele leven maakt deel uit van een kosmisch proces, gebaseerd op goddelijke wijsheid of kennis - te verkrijgen via inzicht, ervaring en intellectuele studie. Tegen deze achtergrond schetst de auteur op werkelijk boeiende wijze de verschillende aspecten en vormen die Odin in de Edda-liederen aanneemt om kennis op te doen van d´e 9 werelden´. Centraal staat de interpretatie van de eeuwige goddelijke wijsheid die sinds lang vervlogen oertijden eigendom van alle volkeren is, en derhalve ook van de Noordse volkeren. Het beslist ondogmatische boek wil hoofdzakelijk een gids en leidraad zijn voor individueel onderzoek en een wegwijzer in de doolhof van metaforen en toespelingen in de oude Edda-teksten. Het is belangrijk dat de lezer zich steeds voor ogen houdt dat het hierbij om een theosofisch geinspireerde studie gaat, die overigens ook als kritische aanvulling kan dienen voor het bekende werk van de Nederlandse theoloog K.H. Miskotte.<br/><br/>G. Brandorff